Pte
William Edwin Turner
Informatie over geboorte
|
Geboortejaar: 1886 |
|
Geboorteplaats: Walkley, Yorkshire, Engeland, Verenigd Koninkrijk |
Algemene Informatie
|
Laatst gekende woonplaats: 44 Edmund Road, Highfield, Sheffield, Engeland, Verenigd Koninkrijk |
|
Beroep: Kleermaker |
|
Geloof: Wesleyan |
Informatie legerdienst
|
Land: Engeland, Verenigd Koninkrijk |
|
Strijdmacht: British Expeditionary Force |
|
Rang: Private |
|
Service nummer: 13565 |
|
Dienstneming datum: 06/09/1914 |
|
Dienstneming plaats: Sheffield, Yorkshire, Engeland, Verenigd Koninkrijk |
|
Eenheden: — York and Lancaster Regiment, 1st/4th Bn. (Laatst gekende eenheid) |
Informatie over overlijden
|
Datum van overlijden: 09/10/1917 |
|
Plaats van overlijden: Marsh Bottom, Passendale, België |
|
Doodsoorzaak: Killed in action (K.I.A.) |
|
Leeftijd: 31 |
Begraafplaats
|
Tyne Cot Cemetery Plot: XXXVI Rij: F Graf: 11 |
Onderscheidingen en medailles 3
|
1914-15 Star Medaille |
|
British War Medal Medaille |
|
Victory Medal Medaille |
Points of interest 4
| #1 | Geboorteplaats | ||
| #2 | Laatst gekende woonplaats | ||
| #3 | Dienstneming plaats | ||
| #4 | Plaats van overlijden (bij benadering) |
Mijn verhaal
William Edwin Turner werd in 1886 geboren in Walkley, Yorkshire. Hij huwde met Lucy Mathilda Butler. Voor de oorlog werkte hij als kleermaker en woonde hij in Sheffield, Yorkshire. Hij nam in september 1914 dienst in het Britse Leger en maakte deel uit van het 1st/4th Battalion York and Lancaster Regiment (148th Brigade, 49th (West Riding) Division).
Voor de oorlog had William een verleden met justitie. Hij gebruikte de pseudoniemen Edwin Turner, Frederick Davis, Frederick Davies en Frederick Wilson en werd omschreven als 'weak minded'. Zijn opvallendste uiterlijke kenmerk was een tattoo van Buffalo Bill. Zijn eerste veroordeling vond plaats op 11 april 1904, voor het opgeven van een valse naam. Een vijftal andere veroordelingen volgden, onder meer voor diefstal en inbraak. Op 19 april 1909, hij was toen 23 jaar oud, werd hij veroordeeld voor inbraak in een warenhuis. Hij kreeg een gevangenisstraf opgelegd van drie jaar die hij mocht uitzitten in de gevangenis van Parkhurst. In het jaar dat hij vrijkwam werd hij nog even vastgezet voor wangedrag, maar vrijgesproken. Ook zijn diensttijd verliep niet vlekkeloos. Hij werd onder andere veroordeeld voor desertie, waarvoor hij enkele weken in detentie werd genomen.
William kwam op 9 oktober 1917 om het leven tijdens de Slag bij Poelkapelle, deel van de Slag bij Passendale. De startlijnen van het 49th (West Riding) Division liepen van Kronprinz Farm tot nabij Berlin Wood. De divisie had als doel eerst op te rukken tot de lijn van Wolf Farm tot Lamkeek om daarna door te stoten tot een lijn van Woodland Plantation tot Duck Lodge. Ook het 1/4th Battalion York & Lancaster Regiment nam aan deze aanval deel.
Omstreeks 4.00 uur had het bataljon de verzamelposities bereikt. Door de hevige regenval voorafgaand aan 9 oktober was het terrein een modderpoel geworden. Het eerste obstakel waar het bataljon mee te maken kreeg, was de Ravenbeek die door hevige regenval diep en breed was geworden. Slechts een groep van zo’n 50 mannen van de C-compagnie slaagde erin de beek over te steken. De troepen van B-compagnie kwamen onder hevig machinegeweervuur vanuit Waterfields en Laamkeek te liggen en werden opgehouden. Links waren de beschietingen minder hevig en slaagden troepen van de A- & B-compagnie erin nabij de Graventafel Road de Ravebeek over te steken. Troepen van de A-compagnie slaagden erin Marsh Bottoms te bereiken en groeven zich daar in. D-compagnie probeerde hen voorbij te steken, maar slaagden niet in hun opzet.
Tijdens Slag bij Poelkapelle leed het 1/4th Battalion York & Lancaster Regiment bijna 300 verliezen. Ook William kwam om het leven. Na de oorlog werd zijn lichaam nabij Marsh Bottoms teruggevonden. Hij werd herbegraven op Tyne Cot Cemetery, waar hij vandaag nog steeds rust.
Voor de oorlog had William een verleden met justitie. Hij gebruikte de pseudoniemen Edwin Turner, Frederick Davis, Frederick Davies en Frederick Wilson en werd omschreven als 'weak minded'. Zijn opvallendste uiterlijke kenmerk was een tattoo van Buffalo Bill. Zijn eerste veroordeling vond plaats op 11 april 1904, voor het opgeven van een valse naam. Een vijftal andere veroordelingen volgden, onder meer voor diefstal en inbraak. Op 19 april 1909, hij was toen 23 jaar oud, werd hij veroordeeld voor inbraak in een warenhuis. Hij kreeg een gevangenisstraf opgelegd van drie jaar die hij mocht uitzitten in de gevangenis van Parkhurst. In het jaar dat hij vrijkwam werd hij nog even vastgezet voor wangedrag, maar vrijgesproken. Ook zijn diensttijd verliep niet vlekkeloos. Hij werd onder andere veroordeeld voor desertie, waarvoor hij enkele weken in detentie werd genomen.
William kwam op 9 oktober 1917 om het leven tijdens de Slag bij Poelkapelle, deel van de Slag bij Passendale. De startlijnen van het 49th (West Riding) Division liepen van Kronprinz Farm tot nabij Berlin Wood. De divisie had als doel eerst op te rukken tot de lijn van Wolf Farm tot Lamkeek om daarna door te stoten tot een lijn van Woodland Plantation tot Duck Lodge. Ook het 1/4th Battalion York & Lancaster Regiment nam aan deze aanval deel.
Omstreeks 4.00 uur had het bataljon de verzamelposities bereikt. Door de hevige regenval voorafgaand aan 9 oktober was het terrein een modderpoel geworden. Het eerste obstakel waar het bataljon mee te maken kreeg, was de Ravenbeek die door hevige regenval diep en breed was geworden. Slechts een groep van zo’n 50 mannen van de C-compagnie slaagde erin de beek over te steken. De troepen van B-compagnie kwamen onder hevig machinegeweervuur vanuit Waterfields en Laamkeek te liggen en werden opgehouden. Links waren de beschietingen minder hevig en slaagden troepen van de A- & B-compagnie erin nabij de Graventafel Road de Ravebeek over te steken. Troepen van de A-compagnie slaagden erin Marsh Bottoms te bereiken en groeven zich daar in. D-compagnie probeerde hen voorbij te steken, maar slaagden niet in hun opzet.
Tijdens Slag bij Poelkapelle leed het 1/4th Battalion York & Lancaster Regiment bijna 300 verliezen. Ook William kwam om het leven. Na de oorlog werd zijn lichaam nabij Marsh Bottoms teruggevonden. Hij werd herbegraven op Tyne Cot Cemetery, waar hij vandaag nog steeds rust.
Bronnen 7
|
1/4 Battalion York and Lancaster Regiment. (The National Archives, KEW (TNA), WO 95/2805/1). https://www.nationalarchives.gov.uk/ Gebruikte bronnen |
|
British Army World War I Medal Rolls Index Cards, 1914-1920 (The National Archives, Kew (TNA), WO372). http://www.nationalarchives.gov.uk Gebruikte bronnen |
|
Home Office: Calendar of Prisoners https://discovery.nationalarchives.gov.uk/details/r/C9004 Gebruikte bronnen |
|
McCarthy, Chris. Passchendaele: The Day by Day Account (Londen: Arms & Armour Press, 2018), 118-123. Gebruikte bronnen |
|
Percy, Douglas, The 1/4th (Hallamshire) Battn., York and Lancaster Regiment, 1914-1919 (London 1926), 79-87. Gebruikte bronnen |
|
War Office: Soldiers' Documents (The National Archives, Kew (TNA) WO363). http://www.nationalarchives.gov.uk Gebruikte bronnen |
|
West Yorkshire, England, Prison Records, 1801-1914. https://www.wyjs.org.uk/archive-service/ Gebruikte bronnen |
Meer informatie 3
|
Namenlijst (In Flanders Fields Museum) https://namenlijst.org/publicsearch/#/person/_id=5230b26b-a6c3-4431-8014-a065e19ad3fd |
|
Commonwealth War Graves Commission Database https://www.cwgc.org/find-records/find-war-dead/casualty-details/464974 |
|
Lives of the First World War (Imperial War Museum) https://livesofthefirstworldwar.iwm.org.uk/lifestory/4527403 |