Rfn
Ernest Gotlop

Informatie over geboorte

Geboortedatum:
29/05/1890
Geboorteplaats:
Kensington, Middlesex, Engeland, Verenigd Koninkrijk

Algemene Informatie

Beroep:
Kleermaker Snijder
Geloof:
Judaïsme

Informatie legerdienst

Land:
Engeland, Verenigd Koninkrijk
Strijdmacht:
British Expeditionary Force
Rang:
Rifleman
Service nummer:
47093
Eenheden:
 —  Royal Irish Rifles, 13th Bn. (1st County Down)  (Laatst gekende eenheid)

Informatie over overlijden

Datum van overlijden:
16/08/1917
Plaats van overlijden:
Somme - Wiesengut, Sint-Juliaan, België
Doodsoorzaak:
Killed in action (K.I.A.)
Leeftijd:
27

Gedenkplaats

Tyne Cot Memorial
Paneel: 139

Onderscheidingen en medailles 2

British War Medal
Medaille
Victory Medal
Medaille

Points of interest 2

#1 Geboorteplaats
#2 Plaats van overlijden (bij benadering)

Mijn verhaal

Ernest Gotlop werd geboren in Kensington, Middlesex in 1890. Zijn ouders, Solomon en Elizabeth Gotlop, kwamen uit het huidige Polen en Wit-Rusland, toen onderdeel van het Russische Rijk. Ze trouwden in Londen in 1868. Solomon had een kleermakerszaak in Kensington en Ernest begon voor zijn vader te werken. Ernest nam dienst in West-Londen en tegen de tijd van de Slag bij Passendale diende hij bij het 13e Bataljon Royal Irish Rifles, onderdeel van de 108e Brigade van de 36e (Ulster) Divisie.

Op 16 augustus 1917 nam de 36th (Ulster) Division stelling net ten zuiden van het dorp Sint-Juliaan. De divisie rukte op met twee brigades: de 109th Brigade op de linkerflank en de 108th Brigade op de rechterflank van het divisiefront. Rechts van hen bevond zich de 16th (Irish) Division. De bataljons van de 108th Brigade die aan de aanval deelnamen, waren het 9th Royal Irish Fusiliers en het 13th Royal Irish Rifles; het 12th Royal Irish Rifles stond in ondersteuning en het 11th Royal Irish Rifles bevond zich in reserve.

Om 4.45 uur begon de aanval. Het 13th Royal Irish Rifles rukte op achter een rollend artilleriebombardement, maar kon het tempo niet bijhouden door het moerassige terrein. Het slagveld was bezaaid met ondergelopen granaattrechters en overstroomde loopgraven. Bovenop die moeilijke omstandigheden kwamen de voorste linies onder zwaar mitrailleur- en geweervuur vanuit bunkers bij Somme Farm. De manschappen slaagden erin Somme te passeren, maar konden het niet innemen, waardoor de compagnieën zich genoodzaakt zagen zich in de buurt in te graven.

Ondersteuning en reserves werden naar voren gestuurd om de aanval te versterken, maar hun opmars werd zwaar gehinderd door mitrailleurvuur vanuit Gallipoli, Hindu Cottage en Aisne Farm aan de rechterzijde, en vanuit Pond Farm en opnieuw Hindu Cottage aan de linkerzijde. Een uur na het begin van de aanval trok het bataljon zich terug naar de oorspronkelijke stellingen. Daar werden de overlevenden verzameld, en met versterking van manschappen van het bataljonshoofdkwartier werd nog een poging ondernomen om Somme in te nemen — tevergeefs. De aanval werd snel uiteengeslagen door intens Duits kruisvuur, waarna de troepen zich opnieuw terugtrokken. De bataljons van de 108th Brigade raakten verspreid en vermengd langs hun oorspronkelijke linie. Officieren reorganiseerden de manschappen en begonnen de linie te versterken. De volgende dag werd de 108th Brigade afgelost door de 107th Brigade.

De aanval was een regelrechte ramp. De twee Ierse divisies boekten nauwelijks merkbare vooruitgang. Er werden geen verdere aanvallen uitgevoerd door de 36th (Ulster) Division.

De 27-jarige Ernest Gotlop sneuvelde tijdens de aanval op Somme Farm. Ernest heeft geen bekend graf en wordt herdacht op het Tyne Cot Memorial.

Bestanden 2

Bronnen 3

13 Battalion Royal Irish Rifles, (The National Archives, KEW (TNA), WO 95/2506/3).
https://discovery.nationalarchives.gov.uk/details/r/C14303
Gebruikte bronnen
Census Returns of England and Wales, 1911, (The National Archives, KEW (TNA), RG14).
https://www.nationalarchives.gov.uk/
Gebruikte bronnen
McCarthy Chris, Passchendaele. The Day-by-Day Account, (London, Unicorn Publishing Group, 2018), pg 52-55.
Gebruikte bronnen

Meer informatie 4