Sld
Jules Cyrille Deraedt

Informatie over geboorte

Geboortedatum:
31/10/1893
Geboorteplaats:
Zonnebeke, België

Algemene Informatie

Laatst gekende woonplaats:
Zonnebeke, België
Beroep:
Dagloner

Informatie legerdienst

Land:
België
Strijdmacht:
Belgisch leger
Rang:
Soldaat Tweede Klasse
Service nummer:
29631
Dienstneming datum:
30/08/1915
Dienstneming plaats:
Camp d'Auvours, Champagné, Sarthe, Frankrijk
Eenheden:
 —  14e Linieregiment  (Laatst gekende eenheid)

Informatie over overlijden

Datum van overlijden:
29/09/1918
Plaats van overlijden:
Langemark, België
Doodsoorzaak:
Killed in action (K.I.A.)
Leeftijd:
24

Begraafplaats

Begraafplaats Zonnebeke
Plot: Crypte
Rij: Onbekend
Graf: Onbekend

Onderscheidingen en medailles 2

Points of interest 4

#1 Geboorteplaats
#2 Laatst gekende woonplaats
#3 Dienstneming plaats
#4 Plaats van overlijden (bij benadering)

Mijn verhaal

Jules Cyrille Deraedt was de zoon van Richard Deraedt en Euphrasie Noyez. Hij werd op 31 oktober 1893 geboren in Zonnebeke en bleef in het dorp wonen, waar hij als dagloner zijn kost verdiende. Jules nam dienst op 30 augustus 1915 en maakte deel uit van het ‘Contingent spéciale de 1915’. Dat betekende dat hij door de bezetting van België niet op de normale manier dienst kon nemen. Hij meldde zich daarom aan bij het Belgische leger in Camp d’ Auvours nabij Le Mans in het noorden van Frankrijk. Na zijn inschrijving werd hij door een rekruteringscommissie ingedeeld.

Jules diende bij het 6de compagnie van het 2de bataljon van het 14de Linieregiment als soldaat tweede klasse. Hij kwam op 29 september 1918 in de buurt van Langemark om het leven.

Op 28 september 1918 ging het geallieerde Bevrijdingsoffensief van start. In de Ieperboog waren zes Duitse stellingen op het strijdtoneel verschenen, die een voortzetting waren van vroegere Duitse stellingen. De verdedigingslijnen waren verdeeld in vier linies vooraan en twee achteraan, met daartussen een 4 km breed gebied, waarin Riegels uitgebouwd werden. De eerste vier stellingen waren de volgende: de Frankenstellung was een oude loopgraaf met bunkers voornamelijk uit 1917, de Preussenstellungen I en II waren twee versterkte linies, die door een onafgebroken lijn prikkeldraad met elkaar verbonden waren, en de Bayernstellung bestond uit meer afgezonderde constructies. Die laatste lijn moest voornamelijk terugtrekkende troepen uit de eerste linies opvangen.

De twee verdedigingslijnen achteraan waren op de Westvlaamse heuvelrug gelegen en bestonden uit de Flandern-Stellungen I en II. Als eerste was er de Flandern Stellung II, die niet alleen de oudste, maar ook de sterkste was. De lijn bestond uit twee lijnen van bunkers. De Flandern Stellung I bevond zich zo’n 5 km achter de heuvelrug en moest bescherming bieden aan Roeselare. De betonnen constructies, die deel uitmaakten van deze lijn, waren goed gecamoufleerd.

Op 27 en 28 september 1918 maakte het 14de Linieregiment zich klaar voor een aanval op die Duitse stellingen, met op hun rechterflank het 9de Linieregiment en aan hun linkerzijde het 1ste Regiment Jagers. Het 2de bataljon, waar ook Jules deel van uitmaakte, had posities ten westen van de Steenbeek ingenomen.

Om 2u30 kondigde een spervuur de aanval aan. Duitse troepen beantwoordden de beschietingen met gasgranaten. Drie uur later, om 5u30, begon het 14de Linieregiment haar opmars. De Preussenstellung, Frankenstellung en Bayernstellung werden ingenomen. Duitse militairen werden gevangengenomen en materialen in beslag genomen. Omstreeks 10u30, vijf uren na de start van de aanval, was het regiment zo’n 2 km opgeschoven. De aanval werd gepauzeerd en het 14de Linieregiment groef zich in.

Op 29 september werd de aanval op de Flandernstellung hervat, dit keer met het 2de bataljon voorop. De Duitse troepen verzetten zich met mitrailleurs en zwaar geschut. Omstreeks 12 uur was het regiment voorbij de weg van Vijfwegen naar Westrozebeke. Het hevige spervuur en de vele slachtoffers zorgden ervoor dat de opmars stopgezet werd. Het regiment bracht de nacht door in de stellingen.

Jules sneuvelde door meerdere verwondingen over zijn volledige lichaam op 25-jarige leeftijd. Na zijn dood ontving zijn vader het oorlogskruis en het ridderkruis in de orde van Leopold II. Op 2 oktober 1918 werd hij begraven in Langemark. Meer dan 3 jaar later, op 29 oktober 1921, werden zijn stoffelijke resten gerepatrieerd en kreeg hij een graf in de Crypte op de begraafplaats van Zonnebeke.

Bronnen 2

Anciaux, L. Deelname van het 14de Linieregiment aan den Oorlog 1914-1918 (Brussel: La Belgique Militaire, 1924), 46-47.
Gebruikte bronnen
Militaire verdedigingswerken uit de Eerste Wereldoorlog in de frontzone (Onroerend Erfgoed, 37).
https://inventaris.onroerenderfgoed.be/themas/37
Gebruikte bronnen

Meer informatie 2