Pte
Malcolm Mackintosh
Informatie over geboorte
|
Geboortedatum: 24/01/1889 |
|
Geboorteplaats: Kilmarnock, Ayrshire, Schotland, Verenigd Koninkrijk |
Algemene Informatie
|
Beroep: Student Rechten |
Informatie legerdienst
|
Land: Schotland, Verenigd Koninkrijk |
|
Strijdmacht: British Expeditionary Force |
|
Rang: Private |
|
Service nummer: 204581 |
|
Dienstneming datum: 01/09/1916 |
|
Dienstneming plaats: Hamilton, Lanarkshire, Schotland, Verenigd Koninkrijk |
|
Eenheden: — Royal Scots Fusiliers, 1st Bn. (Laatst gekende eenheid) |
Informatie over overlijden
|
Datum van overlijden: 26/09/1917 |
|
Plaats van overlijden: Bostin Farm, Zonnebeke, België |
|
Doodsoorzaak: Killed in action (K.I.A.) |
|
Leeftijd: 28 |
Begraafplaats
|
Tyne Cot Cemetery Plot: LXI Rij: J Graf: 15 |
Onderscheidingen en medailles 2
|
British War Medal Medaille |
|
Victory Medal Medaille |
Points of interest 3
| #1 | Geboorteplaats | ||
| #2 | Dienstneming plaats | ||
| #3 | Plaats van overlijden (bij benadering) |
Mijn verhaal
Malcolm Macphail MacKinstosh werd in Kilmarnock, Ayrshire, geboren. Hij was de zoon van James Dunbar en Janet MacKintosh. Hij nam dienst in Hamilton, Lanarkshire in 1916, en diende op het moment van zijn overlijden bij het 1st Battalion Royal Scots Fusiliers (8th Brigade, 3rd (Iron) Division).
Malcolm sneuvelde op 26 september 1917 tijdens de Slag om het Polygoonbos, deel van de Slag bij Passendale. Het startlijnen van de divisie bevonden zich nabij Tulip Cotts en liepen tot Potsdam. Het eerste in te nemen doel werd gevormd door de lijn van Van Isackere Farm tot Mühle om daarna door te stoten tot de lijn van Levi Cotts tot Tokio.
In de avond van 25 september trok het 1st Battalion Royal Scots Fusiliers vanuit Ieper, langs de Ieper-Zonnebeekseweg, richting de verzamelposities. Tijdens die opmars kregen de manschappen artillerievuur te verduren, met de eerste slachtoffers als gevolg. De dag erop, rond 3u, waren de manschappen in de verzamelposities. De aanval zou uitgevoerd worden in twee golven: de eerste groep bestond uit het 2nd Battalion Royal Scots op de rechterflank en het 8th Battalion East Yorkshire Regiment op de linkerflank. Een tweede golf werd gevormd door het 1st Battalion Royal Scots Fusiliers op de rechterflank en de 7th Battalion King's Shropshire Light Infantry op de linkerflank. Eens de aanvallende bataljons uit de eerste golf de eerste doelen hadden ingenomen, zou de tweede aanvalsgolf hen passeren en oprukken naar de tweede doelen.
De aanval begon om 5u50 met een spervuur waarachter de eerste aanvalsgolf oprukte. Beide bataljons bereikten hun doelstellingslinie omstreeks 7u30, waarna de tweede aanvalsgolf hun opmars startte. De Royal Scots Fusiliers rukten op richting Hill 40. Zij kwamen echter in een ondoordringbaar moeras terecht en moesten zich opsplitsen om het te kunnen passeren. Nadat de troepen zich hadden gehergroepeerd, kwamen ze onder Duits machinegeweervuur vanuit Hill 40 te liggen. De manschappen groeven zich in op een linie lopend van nabij Zonnebeke Station tot Levi Cottages met het middelpunt grenzend op de westelijke helling van Hill 40. Om 17u30 werden bevelen uitgestuurd om de aanval verder te zetten om 18u30. Deze bevelen kwamen pas om 18u20 bij de voorste linie aan waardoor niet alle manschappen deze ontvingen. Enkel een handvol manschappen zette de aanval onder artillerievuur verder. Tegelijkertijd openden ook de Duitse troepen hun spervuur om een tegenaanval te lanceren. Hun opmars werd uiteengeslagen door de geallieerde artillerie. Er werden die avond geen verdere infanterieacties meer ondernomen, enkel de artillerie van beide zeiden bleef verder barrages neerleggen. Tijdens de ochtendschemering op 28 september werden het bataljon door de 13th Battalion, King's (Liverpool Regiment) afgelost. De twee dagen in de frontlinie kostte het bataljon: 61 gesneuvelden, 327 gewonden en 67 vermisten.
Malcolm overleed op 29-jargie leeftijd. Zijn lichaam werd na de oorlog nabij Bostin Farm gevonden. Hij werd vervolgens herbegraven op Tyne Cot Cemetery.
Malcolm sneuvelde op 26 september 1917 tijdens de Slag om het Polygoonbos, deel van de Slag bij Passendale. Het startlijnen van de divisie bevonden zich nabij Tulip Cotts en liepen tot Potsdam. Het eerste in te nemen doel werd gevormd door de lijn van Van Isackere Farm tot Mühle om daarna door te stoten tot de lijn van Levi Cotts tot Tokio.
In de avond van 25 september trok het 1st Battalion Royal Scots Fusiliers vanuit Ieper, langs de Ieper-Zonnebeekseweg, richting de verzamelposities. Tijdens die opmars kregen de manschappen artillerievuur te verduren, met de eerste slachtoffers als gevolg. De dag erop, rond 3u, waren de manschappen in de verzamelposities. De aanval zou uitgevoerd worden in twee golven: de eerste groep bestond uit het 2nd Battalion Royal Scots op de rechterflank en het 8th Battalion East Yorkshire Regiment op de linkerflank. Een tweede golf werd gevormd door het 1st Battalion Royal Scots Fusiliers op de rechterflank en de 7th Battalion King's Shropshire Light Infantry op de linkerflank. Eens de aanvallende bataljons uit de eerste golf de eerste doelen hadden ingenomen, zou de tweede aanvalsgolf hen passeren en oprukken naar de tweede doelen.
De aanval begon om 5u50 met een spervuur waarachter de eerste aanvalsgolf oprukte. Beide bataljons bereikten hun doelstellingslinie omstreeks 7u30, waarna de tweede aanvalsgolf hun opmars startte. De Royal Scots Fusiliers rukten op richting Hill 40. Zij kwamen echter in een ondoordringbaar moeras terecht en moesten zich opsplitsen om het te kunnen passeren. Nadat de troepen zich hadden gehergroepeerd, kwamen ze onder Duits machinegeweervuur vanuit Hill 40 te liggen. De manschappen groeven zich in op een linie lopend van nabij Zonnebeke Station tot Levi Cottages met het middelpunt grenzend op de westelijke helling van Hill 40. Om 17u30 werden bevelen uitgestuurd om de aanval verder te zetten om 18u30. Deze bevelen kwamen pas om 18u20 bij de voorste linie aan waardoor niet alle manschappen deze ontvingen. Enkel een handvol manschappen zette de aanval onder artillerievuur verder. Tegelijkertijd openden ook de Duitse troepen hun spervuur om een tegenaanval te lanceren. Hun opmars werd uiteengeslagen door de geallieerde artillerie. Er werden die avond geen verdere infanterieacties meer ondernomen, enkel de artillerie van beide zeiden bleef verder barrages neerleggen. Tijdens de ochtendschemering op 28 september werden het bataljon door de 13th Battalion, King's (Liverpool Regiment) afgelost. De twee dagen in de frontlinie kostte het bataljon: 61 gesneuvelden, 327 gewonden en 67 vermisten.
Malcolm overleed op 29-jargie leeftijd. Zijn lichaam werd na de oorlog nabij Bostin Farm gevonden. Hij werd vervolgens herbegraven op Tyne Cot Cemetery.
Bronnen 4
|
1 Battalion Royal Scots Fusiliers (The National Archives, KEW (TNA), WO 95/1422/3). https://discovery.nationalarchives.gov.uk Gebruikte bronnen |
|
British Army World War I Medal Rolls Index Cards, 1914-1920 (The National Archives, Kew (TNA), WO372). https://nationalarchives.gov.uk Gebruikte bronnen |
|
Buchan, John. The History of the Royal Scots Fusiliers 1678-1918 (Londen: Thomas Nelson and Sons Ltd, 1925), 389. Gebruikte bronnen |
|
UK, De Ruvigny's Roll of Honour, 1914-1919, vol.4, p.124. https://www.ancestry.com/ Gebruikte bronnen |
Meer informatie 4
|
Commonwealth War Graves Commission Database https://www.cwgc.org/find-records/find-war-dead/casualty-details/463803 |
|
Namenlijst (In Flanders Fields Museum) https://namenlijst.org/publicsearch/#/person/_id=63535c69-8724-4839-8ee5-a2a84083fbc0 |
|
Lives of the First World War (Imperial War Museum) https://livesofthefirstworldwar.iwm.org.uk/lifestory/2833160 |
|
A Street Near You https://astreetnearyou.org/person/463803/ |