Pte
Victor Ewart Gladstone Ariansen

Informatie over geboorte

Geboortejaar:
1897
Geboorteplaats:
Waterloo, New South Wales, Australië

Algemene Informatie

Laatst gekende woonplaats:
Botany Street, Carlton, New South Wales, Australië
Beroep:
Arbeider
Geloof:
Church of England

Informatie legerdienst

Land:
Australië
Strijdmacht:
Australian Imperial Force
Rang:
Private
Service nummer:
6212
Dienstneming datum:
10/03/1916
Dienstneming plaats:
Sydney, New South Wales, Australië
Eenheden:
 —  Australian Infantry, 3rd Bn.  (Laatst gekende eenheid)

Informatie over overlijden

Datum van overlijden:
04/10/1917
Plaats van overlijden:
Molenaarelsthoek, Zonnebeke, België
Doodsoorzaak:
Killed in action (K.I.A.)
Leeftijd:
20

Begraafplaats

Tyne Cot Cemetery
Plot: LVI
Rij: D
Graf: 14

Onderscheidingen en medailles 2

British War Medal
Medaille
Victory Medal
Medaille

Points of interest 4

#1 Geboorteplaats
#2 Laatst gekende woonplaats
#3 Dienstneming plaats
#4 Plaats van overlijden (bij benadering)

Mijn verhaal

Victor Ewart Gladstone Ariansen werd geboren omstreeks 1897 in Waterloo, New South Wales, Australië. Hij was één van de vijf zonen van Susan Ellen Ariansen. Allemaal hebben ze gevochten in de Eerste Wereldoorlog. Victor woonde in Botany Street, Carlton, New South Wales, Australië. Hij werkte als arbeider en was gehuwd met Florence Evelyn Ariansen. Hij nam dienst in het Australische leger op 10 maart 1916 in Sydney en diende in het 3th Battalion Australian Infantry Regiment (1st Brigade, 1st Division).

Op donderdag 4 oktober 1917, de dag dat Victor overleed, vond de Slag bij Broodseinde plaats. Deze slag maakte onderdeel uit van de Slag bij Passendale. Na de succesvolle opmars eind september 1917 bij de Meenseweg en het Polygoonbos werd nu een aanval gepland om de Duitse stellingen op de heuvelrug van Broodseinde en de dorpen Zonnebeke, Gravenstafel en Poelkapelle in te nemen.

Ter voorbereiding op de Slag om Broodseinde vertrok het 3rd Battalion op 2 oktober 1917 om 10 pm van Bivouac aan het Château Segard in de richting van Anzac Ridge. Terwijl ze van Château Segard in de richting van Molenaarelsthoek stapten, waar de startposities van de aanval voor het bataljon zich bevonden, passeerden ze Hooge. Daar dropten Duitse vliegtuigen 3 bommen aan het eind van de colonne en doodden en verwondden ongeveer zeventien mannen van de sectie van het 1st Battalion Light Trench Mortar Battery. Dit bataljon werd bij het 3rd Battalion gevoegd voor de aanval. De dag erna, 3 oktober 1917, om 0.35 am nam het 3rd Battalion het over van het 1st Battalion Australian Infantry Regiment op Anzac Ridge. Op 4 oktober 1917, de dag van de slag, verplaatste het 3rd Battalion zich om 2 am van de Anzac Ridge naar de startpositie, die zich voor de Molenaarelsthoek bevond. Deze verplaatsing werd echter gehinderd door regenval, waardoor de weg er slecht bij lag. De regen had echter geen invloed op de start van de aanval. Vanaf 3.45 am was het bataljon dan ook klaar voor de aanval.

Het doel van de 1st Australian Division in deze slag was om de Noordemhoek-Broodseinde Ridge te veroveren. Tijdens de eerste fase van de strijd moest het 3rd Battalion het eerste doel, ook bekend als de Red Line innemen en consolideren. Dit doel lag iets voorbij de lijn tussen Romulus Wood en Remus Wood. Gedurende deze fase bleven de 1st en 4th Battalions op een afstand van minstens 100 meter zodat de verschillende bataljons niet door elkaar liepen. Tijdens de tweede fase van de strijd moesten de 1st en 4th Battalions door het 3rd Battalion marcheren om het tweede doel, ook bekend als de Blue Line, in te nemen en te consolideren. Dit doel bevond zich aan het begin van Celtic Wood. De tweede fase vond plaats onder bescherming van Australisch spervuur.

De Duitsers begonnen al om 5.30 am met spervuur, maar het spervuur verminderde aanzienlijk toen het Australische spervuur om 6 am werd afgevuurd, het moment waarop het bataljon naar voren trok om aan te vallen. Het bataljon ondervond tegenstand van de Duitsers vanaf de linie van pillboxes bij Molenaarelsthoek, de plaats waar Victor stierf. Niettemin slaagden de Australiërs erin de linie van pillboxes te bereiken ondanks het aantal slachtoffers dat door Duitse handgranaten werd veroorzaakt. Het bataljon rukte op tot voorbij de Red Line in de richting van de terugtrekkende Duitsers. De Red Line werd bereikt ondanks zware beschietingen door de Duitsers gedurende de hele dag en nacht. Om 7 am begon de consolidatie van hun posities, waar ze zich net voorbij de lijn tussen Romulus Wood en Remus Wood bevonden. Het bataljon was er dus in geslaagd om de Red Line in te nemen. Daar reorganiseerden de compagnieën zich zodat ze klaar waren mocht het nodig zijn om voorwaarts te trekken.

10 minuten na het begin van de consolidatie maakte het 3rd Battalion contact met het 8th Bataljon Devonshire Regiment aan de rechterkant en met het 8th Battalion Australian Infantry Regiment aan de linkerkant. Al die tijd werd het contact met het 1st, 4th en 8th Battalions Australian Infantry Regiment via verbindingsofficieren onderhouden. Op 5 oktober 1917, om 5.10 am, werd de consolidatie van hun posities aan de Red Line voortgezet en ging men verder met het begraven van de overledenen. Het 3rd Battalion voerde die dag geen infanterieacties uit. In de volgende dagen belemmerde hevige regen de bewegingen van het bataljon, vooral tijdens de aflossing van het bataljon in de nacht van 5 op 6 oktober.

Het 3rd Battalion begon de Slag bij Broodseinde met een mankracht van 489 militairen. Een paar dagen later meldde het bataljon 258 slachtoffers te hebben geleden tussen 2 oktober en 8 oktober 1917: 184 militairen waren gewond, 10 militairen werden vermist, 10 militairen stierven aan hun verwondingen en 54 militairen sneuvelden in de strijd. Onder deze laatsten bevond zich de 20-jarige Victor Ewart Gladstone Ariansen. Hij werd eerst als 'vermist' opgegeven, maar werd later alsnog als ‘gesneuveld’ gerapporteerd. Volgens W.A. Jacques, een militair die in hetzelfde bataljon als Victor diende (3rd Battalion Australian Infantry Regiment) en die getuige was van Victors dood, werd hij door Duits spervuur in Niemandsland gedood tijdens de tocht over de Anzac Ridge bij Molenaarelsthoek in de uren voordat de aanval plaatsvond. Dus tijdens de mars naar de startposities, rond Molenaarelsthoek, stierf Victor. Hij werd in stukken geblazen, waardoor zijn stoffelijk overschot niet werd begraven omdat dat niet mogelijk was. Toch ligt hij begraven op Tyne Cot Cemetery (perceel LV, rij D, graf 14).

Bronnen 5

1th Australian Infantry Brigade, (Australian War Memorial, Campbell (AWM), AWM4 23/20/32).
https://www.awm.gov.au/
Gebruikte bronnen
3rd Australian Infantry Battalion (Australian War Memorial, Campbell (AWM), AWM4 23/1/27).
https://www.awm.gov.au/
Gebruikte bronnen
Australian Red Cross Wounded and Missing Enquiry Bureau (Australian War Memorial, Campbell (AWM), RCDIG1034882).
https://www.awm.gov.au/
Gebruikte bronnen
First Australian Imperial Force Personnel Dossiers, 1914-1920, (National Archives of Australia, Canberra (NAA), B2455, ARIANSEN V E G).
https://www.naa.gov.au/
Gebruikte bronnen
McCarthy, Chris. Passchendaele: The Day by Day Account (Londen: Arms & Armour Press, 1995), 111-113.
Gebruikte bronnen

Meer informatie 4